achtergrond

Tirza Mol, eigenaar van het pronkstuk heeft zich de kunst van de gondelbouw én het besturen van de 11-meter lange boot tijdens haar verblijf in Venetië eigen gemaakt. Terug in Nederland bouwde zij haar eigen gondel naar origineel ontwerp.

Aangetrokken door de schoonheid en het vernuft van dit ontwerp, besloot Tirza Mol een gondel te bouwen als eindexamenproject voor haar studie botenbouw aan het Amsterdamse Hout- en Meubileringscollege. Omdat er in Nederland geen kennis bestaat op het gebied van de gondelbouw, zat er maar één ding op; stage in Venetië. Samen met medestudente en tevens bouwpartner Leentje Visser vertrok Tirza voor vier maanden naar deze prachtige stad om van de familie Tramontin de kunst van het gondelbouwen te leren. De Tramontins worden alom als de beste van de nog schaars overgebleven gondelbouwers beschouwd.

Terug in Amsterdam begon de bouw van de eerste Nederlandse gondel. In juli rondden Tirza en Leentje het ambitieuze project af. Een prestatie die niet onopgemerkt bleef en die naast de aandacht van de media ook de Amsterdamse Startgeldprijs voor 1998 opleverde.

Tirza Mol Hans Lentz

In september 1998 vertrok Tirza opnieuw naar Venetië, gevolgd door Hans Lentz. Dit keer om het Venetiaanse roeien onder de knie te krijgen. De gondelier staat hierbij achter op de gondel en beweegt haar voort door met één roeiriem aan stuurboord te roeien. Door de asymmetrische vorm van de gondel gaat zij ondanks de eenzijdige besturing toch rechtdoor. Na twee maanden oefenen waren Hans en Tirza de beginselen meester en konden zij terug naar Amsterdam om daar de gondel te roeien.